Doorgaan naar hoofdcontent

Het video game credo

Zijn video games te makkelijk geworden? Het is een terugkerend punt van kritiek. Ik speel games sinds mijn zesde. Dat was in 1993. Ik groeide op met de Super Nintendo, later de PlayStation en Nintendo 64. Als ik bedenk dat ik zeeën van tijd had als klein jochie en tóch niet Donkey Kong Country 2: Diddy's Kong Quest heb weten uit te spelen weet ik weer hoe lastig games konden zijn. Dat is tegenwoordig wel anders. In de first-person shooter BioShock zitten Vita-Chambers: als je doodgaat, word je daar weer tot leven gewekt. Ik heb onlangs Saints Row IV: Re-elected gespeeld: geen enkele uitdaging; in de game kan je zelfs ongelimiteerde ammo kopen (en niet als 'cheat').

Video games schijnen zich steeds minder vaak te houden aan hét credo van video game design: "easy to learn, hard to master". Makkelijk te leren, moeilijk te meesteren. Denk aan Tetris: op de langzaamste snelheid vallen de blokjes naar beneden en je hebt alle tijd om je volgende zet te bedenken. Maar dan vallen ze harder. En harder. En harder. Voordat je het weet ben je af. Wil je goed worden in Tetris, dan moet je daar veel tijd instoppen. Andere games zijn 'pay to win' geworden, zoals Candy Crush Saga. Het merendeel van de spelers heeft nog nooit één cent uitgegeven, maar je kan ook speciale items kopen die een level een stuk makkelijker maken. Met een gelimiteerd gebruik natuurlijk.

Voor veel games geldt het tegenovergestelde: des te verder je bent, des te makkelijker het wordt. Denk aan The Elder Scrolls V: Skyrim. Als je personage weinig ervaring heeft moet je niet het verkeerde monster voor je hebben. Een paar uur later heb je de beste wapens, een handjevol magische spreuken en heb je meer health. Ook de briljante game BioShock is daar schuldig aan; een item laat je onzichtbaar worden als je stilstaat, en ander zorgt dat je health aanvult als je in water staat. En in een stad op de bodem van de oceaan is dat niet moeilijk.

Het credo "easy to learn, hard to master" is lastig; zeker als het verstaan word als "makkelijk te beginnen, moeilijk om de aandacht van de speler vast te houden". Misschien is het een vicieuze cirkel geworden voor en door video game designers: omdat games makkelijker zijn, moeten ze steeds makkelijker worden.

Er is één mooi tegenargument: Achievements en Trophy's. Op Xbox Live voor de Xbox 360 en Xbox One heb je de zogenaamde gamerscore, een totaal aantal punten van games. Elke game heeft ongeveer 1000 punten aan gamerscore; des te hoger je gamerscore des te beter je bent, in principe. Op PlayStation Network (PlayStation 3, PlayStation 4 en PlayStation Vita) is dat net ietsje anders: verschillende uitdagingen zijn een bronzen, een zilveren of een gouden trophy waard; door alle trophy's te vinden krijg je nog de platinum trophy uitgereikt.

De gamerscore en totaal van trophy's geeft aan hoe goed de gamer is. Voor veel zal dat niet uitmaken, maar het is een klein stukje prestige. Een aantal games hanteren dat voor de hoogste moeilijkheidsgraad er ook een gamerscore en trophy is. Dat geeft een reden om extra hard je best te doen. Ondanks dat games toch te makkelijk zijn.

Populaire posts van deze blog

Narratologie en ludologie

Gisteren had ik het over ludologie: de studie en leer van spellen, als menselijke activiteit. Nauw verbonden met ludologie is narratologie. Narratologie is de studie en leer van verhalen en verhalen vertellen. Dit kan op verschillende manieren onderzocht worden: bijvoorbeeld antropologisch, psychologisch of historisch. Door te kijken naar de narratieve structuur en hoe gamers dat opvatten, kunnen we meer leren over hoe games functioneren als "texts", dat wil zeggen, communicerende objecten. In het onderzoeksveld van games werd een tijd terug een discussie gevoerd of games op een narratologische manier benaderd kunnen worden. 
"To claim that there is no difference between games and narratives is to ignore essential qualities of both categories. And yet, as this study tries to show, the difference is not clear-cut, and there is significant overlap between the two." - Espen Aarseth, ludology.org
Jesper Juul, een toonaangevend onderzoeker, zei echter: Games and stories…

Gamen met aandacht in 2019

Januari is voorbij; ik heb één twaalfde van 2018 gehad en geen games gespeeld. Ik ben vanochtend teruggekomen van vakantie; met twee weken in Maleisië en Brunei heb ik gamen allesbehalve gemist.
Lopend door de jungle van Borneo heb ik veel tijd gehad om na te denken. Ik heb al een goed voornemen voor 2019: games uitspelen.

De beste game? Of de meest recente, goede game?

Wat is volgens jou de beste game ooit?* Heb je inspiratie nodig? Op Metacritic staat een mooi overzicht van de best beoordeelde games. Valt je iets op? Mij wel. Ten eerste: er zijn er een hoop dubbel genoteerd. Grand Theft Auto V staat er - hoe typerend - vijf keer in. Releases op PlayStation 3, PlayStation 4, Xbox 360, Xbox One en PC worden apart bijgehouden. Ten tweede: van deze top 100 zijn er elf de jaren '90, geen uit de jaren '80; 89 games zijn tussen 2000 en nu uitgebracht. Ten derde: in de top vijf staan er drie uit respectievelijk 1998, 1999 en 2000.
Als we kijken naar het lijstje beste films van IMDb zien we daar een totaal verschillend plaatje: films uit de jaren '50 tot nu. Het tegenargument is dat games nog niet zo lang bestaan, maar Pong is uit 1972, de eerste video game console Magnavox Odyssey uit 1975, Space Invaders uit 1978 en Asteroids uit 1979. En uit de jaren '80 hebben we klassiekers als Pac-Man, Donkey Kong of The Legend of Zelda. Toch worden d…